menu

Nieuws

‘Ik ga zeker op mijn manier door’

Serge Mouthaan

PRINCENHAGE – Aad Ouborg maakte eind vorig jaar de deal van zijn leven. De Bredase ondernemer verkocht zijn succesvolle bedrijf Princess aan het Duitse WMF. Eén januari was de overname officieel. Niet het geld dat hij er voor kreeg, maakte impact, maar het uit handen geven van zijn levenswerk bleek een lastige horde.

Ouborg zit aan een grote houten bureau in zijn kantoor waar het licht van alle kanten binnenvalt. Omringd door de huishoudelijk apparaten waar hij groot mee is geworden vertelt hij over familie, hockey, vastgoed, entertainment en de Bredase economie.

Het was een zware beslissing om tot de verkoop van zijn kindje over te gaan, zegt hij. Ouborg draagt familiebanden hoog in het vaandel en daar lag het knelpunt. “Eigenlijk kwam de beslissing vijf jaar te vroeg. Mijn kinderen zijn te jong om het over te nemen. Mijn oudste is net afgestudeerd. Ik stond voor een moeilijke keuze. Blijft het bedrijf in de familie of ga ik over tot verkoop.” Het werd dus verkoop.

Toch voert trots de boventoon, omdat in deze tijd van economische teruggang interesse was voor Princess. “Noem eens een bedrijf dat afgelopen jaar het goed deed en noem er eens tien waar slecht mee ging. Als dan het Duitse WMF, de Porsche in onze branche, met belangstelling naar je kijkt, maakt mij dat trots.”

De Bredase ondernemer verkocht 51 procent van de aandelen en legde de optie vast dat de andere 49 procent eind 2011 overgaan. Het betekent meteen de eindstreep voor Ouborg binnen Princess. “Dan stop ik er mee, maar ik heb nog zoveel te doen. Ik heb projecten in het buitenland. Hotels in Oostenrijk en op Phuket wil ik 40 tot 80 villa’s bouwen. En ik ga door met Princess sport, entertainment en monumenten.”

Entertainment staat voor Ouborg gelijk aan ondernemen. Het werd zijn handelsmerk bekende Nederlanders in te zetten ter promotie van Princess. Hij is ook actief bezig met film, musical en muziek. Daarnaast is hockey een oude liefde, waarvoor hij zich in het verleden al sterk voor maakte. Helaas slaagde zijn opzet om een tophockeyteam in Breda op te zetten niet.

Hij richt zich nu op een andere manier om tophockey naar de regio te halen. "Er ligt nu een stadiongedachte. Ik praat over de mogelijkheden grote hockeyevenementen in een stadion te organiseren. In Breda bevindt zich de grootste hokeckeydichtheid ter wereld. Waarom is er dan geen topniveau in de regio?"

Monumentale panden opkopen is een uit de hand gelopen hobby. Zijn liefde hiervoor is in Breda evident. Zo kocht hij verschillende gebouwen, knapte die op en zocht een nieuwe bestemming. De oude bioscoop het Grand Theater is zijn meest recente project. Althans, dat duurt nu al drie jaar.

“Soms word ik daar gek van. Ik ben jaren bezig een vergunning te krijgen om daar een commercieel en cultureel centrum te ontwikkelen. Te veel regels en wetten veroorzaken te veel oponthoud en dat kost geld. Als Breda wil opvallen moet het anders dan in andere steden. Je moet iets bijzonders doen.”

Hij stoort zich ook aan de houding van het stadsbestuur op de manier waarop zij met de huidige crisis omgaat. Ouborg is van mening dat je geld moet uitgeven om geld te genereren. Projecten in de stad moeten sneller doorkomen vindt hij.

“Het is onvoorstelbaar hoe lang de ontwikkeling van een evenementenhal duurt. Vijftien jaar wachten we daar op. Als je
zoiets snel ontwikkelt levert dat werk op. Meer hotels, meer toerisme. Maak nou eens een beslissing denk ik dan. Wil je de stad bloeiend houden moet het allemaal veel sneller”

Het gesprek gaat al weer snel richting familie. Een brede glimlach verschijnt op zijn gezicht wanneer hij vertelt over zijn twee jongste kinderen die pas een wedstrijd wonnen met een ontwerp van een citruspers en een tosti-ijzer. De tijd voor meer aandacht voor het gezin is aangebroken, meent Ouborg.

“Ik ben altijd zoveel van huis geweest. Per jaar was ik wel zes maanden op reis. Nu kom ik in de laatste fase van mijn leven. Aandacht voor mijn familie. Ook dat is belangrijk om succesvol te zijn. Ik wil nu mijn kinderen helpen in hetgeen ze willen doen. Het maakt me niet wat.”

Ouborg loopt inmiddels door het statige hoofdkantoor van Princess, Princeville, waar het een drukte van belang is. Werklui lopen af en aan en zijn bezig met de opbouw van een beurs. Drie tot vier klanten per dag komen straks op bezoek en Cas Spijkers kookt voor de gasten. Voorlopig gaat Ouborg door. Gewoon op zijn eigen manier, want ‘ondernemen is entertainen’.