De voorgevel aan de Reigerstraat in een bewerking.
De voorgevel aan de Reigerstraat in een bewerking.

Opportunistische politieke tranen om House of DJ’s

  Commentaar

COMMENTAAR - House of DJ’s kondigde afgelopen week tot grote verrassing van velen aan grotere kansen op realisatie te zien in Amsterdam. Het wekte verbazing bij menig Bredanaar. Want was het idee niet ontstaan vanuit Breda, DJ-hoofdstad van de wereld?


De initiatiefnemers redeneerden vanuit ondernemerschap. Het marktonderzoek dat Arnold van der Leden en Sven Roumen hadden laten doen wees uit dat de jaarlijkse verwachte bezoekersaantallen voor Amsterdam twee keer zo hoog lagen. “En dat scheelt miljoenen.”

In Breda zou de begroting van het hele spektakel precies rondkomen en was er weinig ruimte voor tegenvallers. Bovendien zou Breda het meer dan Amsterdam moeten hebben van terugkerende bezoekers, wat volgens Van der Leden weer vaker vraagt om wisseling van de ‘expositie’.

Al met al een simpele rekensom, aldus de heren. Een investering - waarbij beroep gedaan wordt op private partijen, sponsors en crowdfunding - is logischer in Amsterdam dan in Breda, betogen zij.

Op de overheid in Breda rekenen de twee niet. De gemeente Breda heeft het initiatief eerder ondersteund door het haalbaarheidsonderzoek mede te financieren. “Verder denken wij mee over locaties, geven aan wat de bestemming is”, vertelde wethouder Boaz Adank in september. Een grote structurele subsidie zit er niet in, maakte hij in toen al duidelijk. “Dat is niet hoe wij er als college inzitten.”

Dat er in de Bredase politiek (in BN DeStem van maandag) nu ach en wee klinkt, is vanuit chauvinistisch oogpunt wel te begrijpen. Politiek gezien is het echter een holle frase. Breda heeft geen grond om weg te geven en geen ruimte in de begroting.

Of de raad zou rigoureus moeten beslissen een flinke hap uit de moeizaam tot stand gekomen jaarlijkse subsidie van het nieuwe Stedelijk Museum Breda te nemen om aan House of DJ’s te besteden. Maar die meerderheid lijkt niet reëel.

Zolang Breda die financiële ruimte niet kan of wil maken, is de politieke treurnis om House of DJ’s puur opportunisme en zijn de initiatiefnemers als cultureel ondernemers verantwoordelijk voor de haalbaarheid van hun eigen plannen. Precies zoals de overheid al jaren stimuleert.