Vlnr: Marieke Wiegel (Grote Kerk Breda), Birgit van Veghel (Avans), Meike Veldhuijsen (KOP), Jorrit Snijder (BUas), Saskia van Rijn (City of Imagineers/Triple-O-campus), Marike de Nobel (wethouder), Dennis Elbers (Graphic Matters), Jeroen van Eggermond (Pier15), Pien Steenberg (TURF), Sofie Beijer (student), Noa Hermans (TURF), Yurr Rozenberg (ontwerper), Indi Theeuwes (maker).
Vlnr: Marieke Wiegel (Grote Kerk Breda), Birgit van Veghel (Avans), Meike Veldhuijsen (KOP), Jorrit Snijder (BUas), Saskia van Rijn (City of Imagineers/Triple-O-campus), Marike de Nobel (wethouder), Dennis Elbers (Graphic Matters), Jeroen van Eggermond (Pier15), Pien Steenberg (TURF), Sofie Beijer (student), Noa Hermans (TURF), Yurr Rozenberg (ontwerper), Indi Theeuwes (maker). Foto: Edwin Wiekens

Breda kiest voor creatieve broedplaats zonder vaste locatie: ‘Het is een experiment’

Door: Hanneke Marcelis Algemeen

BREDA - Breda zet een volgende stap in de uitvoering van het cultuurbeleid 2025-2040. De gemeente heeft Graphic Matters geselecteerd om samen met een breed netwerk van culturele organisaties, onderwijsinstellingen en creatieve partners de nieuwe Broedplaats Creative Design vorm te geven. Opvallend daarbij: de broedplaats krijgt geen vaste locatie, maar wordt een flexibel samenwerkingsverband dat zich door de stad beweegt. 


Voor veel Bredanaars roept het begrip ‘broedplaats’ waarschijnlijk beelden op van een gebouw vol ateliers en creatieve werkruimtes. Maar juist dat is deze nieuwe Broedplaats Creative Design niet. “Ik snap dat het voor sommige mensen gek klinkt, want deze nieuwe broedplaats is inderdaad geen fysieke plek”, zegt wethouder Marike de Nobel. “Het is eigenlijk een next level samenwerkingsverband tussen partijen die elkaar nu al kennen, maar die vanuit deze constructie veel intensiever gaan samenwerken.”

Van locatie naar netwerk

De broedplaats is een onderdeel uit het nieuwe cultuurbeleid van Breda, net zoals de broedplaats voor Performing Arts. Die laatste krijgt echter wel een fysieke plek. Op de locatie van podium Bloos aan de Speelhuislaan wordt een nieuw Performing Arts gebouw gebouwd. Maar bij de broedplaats Creative Design wordt dus voor een andere aanpak gekozen. Graphic Matters vormt daarbij de penvoerder van een consortium waarin onder meer KOP, Blind Walls Gallery, Pier15, Grote Kerk Breda, Breda University of Applied Sciences (BUas), Avans, City of Imagineers en TURF samenwerken.

Volgens De Nobel zit de kracht juist in de combinatie van zeer verschillende organisaties die complementair zijn aan elkaar. “Je brengt kunstenaars, studenten van St. Joost, gamers van BUas, erfgoedorganisaties zoals de Grote Kerk en partijen uit de beeldende kunst bij elkaar. Juist op die kruispunten ontstaan nieuwe ideeën.” De broedplaats krijgt daarom een nomadisch karakter. Activiteiten kunnen plaatsvinden op bestaande locaties van de deelnemende organisaties, maar ook op nieuwe plekken in de stad. Het doel is om makers, onderwijs, ondernemers en culturele instellingen makkelijker met elkaar te verbinden.

Ruimte voor experiment

Een belangrijk uitgangspunt is dat de gemeente bewust niet vooraf vastlegt wat er precies moet ontstaan. “Ik geef ruimte aan het experiment”, zegt De Nobel. “We hebben criteria opgesteld, vertrouwen in de partijen uitgesproken en vervolgens laten we het ook los.” Dat betekent volgens haar ook dat de samenwerking niet beperkt blijft tot de huidige deelnemers. Nieuwe culturele partners, ondernemers of andere organisaties kunnen later aansluiten. “Het is niet zo dat de deur nu dicht zit. Juist dat organische karakter vind ik interessant.”

Dennis Elbers, directeur van Graphic Matters, benadrukt het belang van die vrijheid. “Wat mij aanspreekt in deze tender is de vrijheid om samen te ontdekken wat een broedplaats voor Breda kan zijn, met de nieuwe generatie makers centraal. We starten niet met een pand, maar met een energiek programma dat talent behoudt, samenwerking stimuleert en Creative Design zichtbaar maakt. Vanuit 20 jaar ervaring neemt Graphic Matters het initiatief, maar we doen dit nadrukkelijk samen met de sector. Ondernemers, onderwijs, overheid en culturele partners staan te popelen om nieuwe ideeën en formats te ontwikkelen. Zo bouwen we stap voor stap aan een levendige, toekomstgerichte broedplaats voor Breda.”

Voor de periode 2026 tot en met 2028 stelt de gemeente bijna 500.000 euro beschikbaar. In die jaren moet de broedplaats zich ontwikkelen en bewijzen en bijdragen aan de positieve van Breda als stad van Toegepaste Technologie & Creativiteit (TT&C). De ervaringen vormen vervolgens de basis voor een duurzame Creative Design Hub vanaf 2029.

Breda op de kaart zetten

Wat inwoners concreet gaan merken van de broedplaats, kan de wethouder niet precies voorspellen. Dat hoort volgens haar juist bij het experimentele karakter van het initiatief. Wel hoopt ze dat de samenwerking leidt tot zichtbare projecten in de openbare ruimte en nieuwe culturele initiatieven die Breda ook buiten de stadsgrenzen op de kaart zetten. “Mensen komen niet naar Breda omdat ze hier bitterballen kunnen eten. Die kunnen ze overal eten”, zegt De Nobel. “Mensen komen omdat hier bijzondere dingen gebeuren.”

Ze verwijst daarbij naar voorbeelden zoals BredaPhoto, Blind Walls Gallery en Pier15. Culturele initiatieven die bezoekers van buiten de stad trekken en bijdragen aan het imago van Breda als creatieve stad. “Het mag best verrassend zijn. Dat mensen in Groningen denken: hé, we moeten naar Breda, want daar gebeurt iets bijzonders.”

Kunst die schuurt

De wethouder benadrukt dat het niet alleen draait om economische waarde of bezoekersaantallen. Ook maatschappelijke impact speelt een belangrijke rol. “Kunst mag schuren”, zegt ze. “Als je iets in de openbare ruimte plaatst, vindt de één het prachtig en de ander verschrikkelijk. Maar dan ontstaat er wel een gesprek.” Volgens De Nobel is dat precies wat kunst moet doen: mensen laten nadenken, gesprekken op gang brengen en nieuwe perspectieven bieden.

Bij de beoordeling van het succes kijkt de gemeente daarom niet alleen naar cijfers, maar ook naar bredere effecten. Denk aan verbinding tussen inwoners, toegankelijkheid van cultuur en de aantrekkingskracht van Breda als stad voor makers, studenten en ondernemers. “Wat ik uiteindelijk hoop, is dat er dingen ontstaan die we van tevoren niet hadden kunnen bedenken.”